dinsdag 15 februari 2011

De katvrouw

Er was eens een katvrouw. Een katvrouw kan duizend dingen zijn. Een kattige vrouw, een vrouw met een kattenfetish of gewoon een katvrouw. Deze vrouw is dus een echte katvrouw. Wanneer ze geboren is weet alleen God. Overduidelijk is dat het lang, lang geleden is.

De katvrouw droeg haar naam niet voor niets. De lieve vrouw woonde op de bovenste verdieping van een luguber flatgebouw samen met haar 70 katten. Iedere kat had ze een naam gegeven. Ze kon iedere kat uit elkaar houden. Haar twee favorieten, Pauper en Proleet, kropen iedere avond tegen haar linkerborst, terwijl zij slaapliedjes voor ze zong.

De katvrouw heeft nooit liefde gekend. De enige liefde die ze kende was voor haar katten. De katvrouw kwam nooit buiten. Omdat ze al zo oud was, was haar haar verschrikkelijk lang gegroeid. Als haar katten honger hadden, gooide ze haar haar uit het raam. Haar katten klommen zo via haar haar naar beneden, om buiten te jagen op ratten en ander gespuis. De katvrouw wilde ook eten. Dus de katten zorgden voor de katvrouw. Af en toe had de slagerij om de hoek de deur op een kier. Haar lievelingskatten Pauper en Proleet gingen dan op de zoektocht naar een restje vlees voor de katvrouw, die ze dan met haar half afgerotte tanden stuk kauwde.

Hoewel de katvrouw nooit muziek heeft gekend, genoot ze van het geluid van haar miauwende katten in de vroege ochtend. De symfonieën van haar 70 jengelende katten was voor haar als een spontaan orgasme. Al heeft ze nooit seks gehad. Ze hield van liefde. Kattenliefde. Met haar 55 centimeter lange nagels kriebelde ze graag over de buikjes van haar katten. Haar rimpelige gezicht drukte ze tegen de neusjes van haar katten. Dat is de enige manier van innige liefde die ze kende.

De katvrouw kende ook verdriet. Eenmaal kwam Pauper niet meer terug van rooftocht. Proleet heeft haar 's nachts in slaap gejengeld, als een soort schrale troost. De volgende dag gooide ze haar haar uit en wachtte zij totdat de kat haar lange, vette haar zou trotseren. Maar dat moment kwam niet. Urenlang heeft ze gehuild, de katvrouw. De katten likten haar tranen uit haar diepe rimpels. De katvrouw voelde zich oncompleet. Al had ze troost van haar 69 katten, het gevoel was niet compleet.

Dagenlang heeft ze gehuild. Haar katten mochten nog maar af en toe naar buiten. Al hadden zij genoeg aan haar talloze tranen. Eten kwam er niet meer. Proleet had er geen zin meer in. Hij was zijn soulmate kwijt. Ze waren een team, de een stond op de wacht en de andere stal het vlees uit de slagerij. Het kwam niet meer. De katvrouw was ontroostbaar. Ze werd zo zwak vanbinnen dat ze haar haar niet meer uit het raam gooide. Haar katten bleven altijd bij haar. Totdat ze niet meer naar buiten konden. Ze kregen geen eten meer. De katten aten stukje bij beetje meer van de katvrouw af, ze moesten iets. Het sap uit haar oogballen spoot alle kanten op. Het begon met een arm, en het eindigde bij haar stinkende en rottende gebit. De stank was ondraaglijk. Dit was het einde van de katvrouw, alles wat nog van haar over was waren haar haren. Meters lange haren, met spinnende katten erop.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten